Er lag een briefje op tafel met instructies voor de buurvrouw hoe de vissen gevoerd moesten worden en welke planten veel water moesten hebben. De krant werd ingelicht en stuurde de edities door naar het vakantieadres. Opgelucht, omdat we de achterbuurman drie weken niet zouden zien, vertrokken we naar de vakantiebestemming. Het huis lieten we met een gerust hart achter omdat de schakelklok in de woonkamer de lampen aan en uit deed, zodat inbrekers werden misleid. Afgesloten van alles en iedereen waren we schier onbereikbaar. Een keer per week belden we met oma, het hele gezin moeizaam in een telefooncel gepropt, waarbij vader drie keer het kwartje op de grond liet vallen, zodat we er allemaal weer uit moesten.
Vakantie leek in dagen van weleer wat eenvoudiger dan tegenwoordig. Vanaf het vakantieadres typ ik nu dit stukje, om het straks te uploaden naar mijn website. Niet meer duur bellen en sms-en. Via Skype en Social Media onderhoud ik met enige vrienden en kennissen dagelijks, zo niet een keer per uur, contact over de toestand in de wereld en die van mijzelf in het bijzonder. Het huis laat ik niet meer onbeheerd achter, gelukkig heb ik familieleden uit de Randstad die graag in het mooie Drenthe verblijven en waken over de inboedel.
Een vriend verging het anders. Op onvriendelijke voet staand met een collega gaf het effect dat de collega via Twitter te kennen gaf dat hij opgelucht was dat mijn vriend drie weken op vakantie was. De hele wereld nam hier notie van.
Bij terugkomst trof mijn vriend een vrij kale woning aan omdat inbrekers in alle rust meenamen wat van hun gading was. Er was veel van hun gading. Mijn vriend stapte op hoge poten naar zijn collega om hem ter verantwoording te roepen over de melding op Twitter. Volgens mijn vriend een uitnodiging aan het adres van het voltallige inbrekersgilde. De collega was aanvankelijk wel beteuterd, maar wierp mijn vriend toch vrij snel voor de voeten dat het causale verband geenszins aan te tonen viel, op een bekentenis van de inbreker na. Of mijn vriend dan maar even zo’n bekentenis wilde regelen, dan mocht hij terugkomen.
Zo blijkt dat we opeens zeer veel macht hebben gekregen over elkaar. Een eenling die schadelijke dingen roept op een wereldbreed forum als Twitter kan dus, bewust of onbewust, veel schade aanrichten zonder daarvoor ter verantwoording te worden geroepen. Het effect van een mededeling zal maar zelden te bewijzen zijn. Mocht het al te bewijzen zijn dan is de vraag of er sprake is van aantoonbare boosaardige opzet.
Bedrijven weten allang dat waken over imagoschade via het Internet serious business is geworden. Daags na een tweet van mijzelf, over een wetenschappelijke term in een reclame van een ruitschadehulpverlener, kreeg ik al een reactie van het bedrijf met uitleg en of ik verder wel tevreden was over de service.
Blijkbaar moeten we voor onszelf ook webcare toepassen. Kijken wat een ander over ons zegt om geen imagoschade op te lopen voor de volgende promotie of, in het geval van mijn vriend, materiële en emotionele schade.
Daarmee lijkt er een tijdperk aangetreden waarin we behoorlijk wat meer macht krijgen over de medemens. Roddel en achterklap verplaatst zich op deze manier van de kleine dorpsgemeenschap met grote sociale controle naar de grootsteedsheid van het Internet.

Het kenmerk van roddelen is dat het niet gebeurt als je er bij bent, dus ja die laatste zin had je al lang mee moeten beginnen. Monitoren dus. Over mensen die monitoren wordt niet zoveel online geroddeld, men weet namelijk dat het gelezen wordt… (via Google +)