Waar we vroeger ten strijde trokken als geharnaste gestalte met het vizier naar beneden, zo vindt dat vandaag de dag plaats in een strak Armani pak, zware bril en stevige stropdas. Want we nemen onszelf erg serieus; business is serious, deals moeten worden gesloten, continuïteit is van levensbelang en aanzien en imago onontbeerlijk. Geen wonder dus dat we de hele dag handenschuddend met een strakke ribbel om de mond rondlopen.
In de vele bedrijven, waar ik adviezen kwam verstrekken, verliepen de ontmoetingen en werkzaamheden vaak zeer formeel. Het harnas aan, het masker voor. Het lijkt alsof we vanuit een veilige omgeving, waar niemand ons echt kan zien, willen opereren. Status is daarbij het sleutelwoord, naast imponeren en intimideren. Hoe hoger geplaatst in de organisatie en hoe belangrijker de mensen zijn gemaakt, hoe minder lachebekjes je aantreft. Bedrijfsculturele conventies die het leven van alledag bepalen.
Want ik ken mensen die de hele dag op deze eieren lopen, zonder dat er een grapje of glimlach aan te pas komt. Humor is in sommige kringen altijd nog behoorlijk vulgair, een teken van lichtzinnigheid en grofheid. De associatie met schuine bakken en met wijd open mond ongenuanceerd keihard sputterend lachen is snel gemaakt.
Ongepast is opgepast, zo gaan we schielijk aan het werk. Want we willen wel serieus genomen worden en niet gezien worden als afdelingsjoker die problemen weglacht. Gecommitteerd zijn is blijkbaar een serieuze aangelegenheid.
Daarnaast is tijd geld. Tijd waarin we lachen is eigenlijk niet productief of facturabel. In een tijd dat dezelfde mensen het werk erbij gaan doen van hun ontslagen collega’s lijkt deze tijd een zeer schaars goed te worden die je vooral effectief moet besteden. Zeker niet rondlummelend bij koffieapparaten onder het drinken en plaatsen van sterke bakken. Zeker ook niet door het bekijken van Youtube-filmpjes of het ginnegappen achter een grappig jeepeegeetje. Angst en achterdocht van het management of de medewerker wel productief is spelen hier een rol.
Recent onderzoek toonde echter aan dat humor op zich geen direct effect lijkt te hebben op de gezondheid, maar toch terdege kan bijdragen om stress en burn-out te voorkomen.
Grappen relativeren ook lekker. Grappen bevatten vaak verborgen signalen en boodschappen die je eigenlijk normaal niet kan zeggen. Grappen over andere afdelingen, chefs, regels, noem maar op. Bijna alle grappen werken met contrast en overdrijven, waardoor problemen weer even landen op de begane grond. Conflicten worden opgelost door humor.
Waarbij overigens wel de regel geldt niet over te doseren aangezien anders het effect averechts is. Wie kent niet het lied “Elfstedentocht” van Herman Finkers, dat eindigt met de dood van betrokken schaatsers. Door het ijs zakken is grappig, dode schaatsers vinden weinig mensen meer leuk.
Er is blijkbaar een cultuurverandering binnen bedrijven nodig om in te zien dat een grappende manager niet de targets weglacht, maar ertoe bijdraagt dat zijn team beter presteert. Dat het gebruik van humor niet zwak is, maar juist lef tentoonspreidt: een grap is niet vooraf geslaagd, de grappenmaker neemt hier risico.
Goed voorbeeld doet goed volgen. Een hooggeplaatste hotshot die een grap vertelt tijdens een causerie voor de afdeling zal aanvankelijk hiërarchische waardering krijgen, het meelachen met de baas, maar zal ertoe bijdragen dat humor geaccepteerd wordt.
Samen grappen schept teamverband en saamhorigheidsgevoel. Je lacht samen ergens om. Even de zinnen verzetten met als leuk neveneffect hernieuwde energie om de taken daarna weer uit te voeren. Hoe serieuzer, hoe meer regels en hoe minder creativiteit.
Maar nu even serieus: veel plezier gewenst tijdens het werk!
Ik zou niet kunnen werken in een omgeving waar lachen een taboe is. Lachen heeft alle functies die je beschrijft. Een organisatie waarin een dag niet wordt gelachen is een organisatie waar een dag niet wordt geleefd
Nodig en goed dat je dit onder de aandacht brengt. Humor is een uiting van mensen die lekker in hun vel zitten, toch? Anders heet het cyniscme of zijn mensen mond-dood. Mensen die lekker in hun vel zitten zijn in een werkomgeving een weldaad voor de collega’s en de werksfeer Broodnodig.. als het we dan toch over kostwinning en brood hebben.
Calvijn en humor; de lach van een boer met kiespijn, de ruimte waardoor je lucht en woorden naar buiten horen te komen dichtgetrokken door een strotdas en vooral en alleen je uiten over ambitie, competenties en target en loftuitingen richting je leidinggevende.
Wellicht wat zwart-wit neergezet en tegelijk zo vaak nog alledaagse praktijk. Humor als competentie.. zou een zinvolle aanvulling zijn als selectiecriterium of in de lijst verbeterpunten.
Humor, blijdschap, lol. Lol in je werk en ontspanning die juist ten goed komt aan werksfeer en prestatie. Bedrijven en instellingen waar lachen taboe is, zouden ze de arbeidsinspectie naar toe mogen sturen met nieuwe richtlijnen
Zit je dasje goed? Zit je jasje goed? Mooi en dan nu even lachen.. gewoon omdat het lekker is.
Als verpleegkundige teerde ik op humor! Lachen MOET, zeker in een omgeving waar weinig te lachen valt gezien de omstandigheden. Lachen is afreageren (zonder het respect voor de ander te verliezen), het kweekt zoals je zegt een band, en het maakt of breekt je werkplek wat mij betreft.
Gaan we nu op serieuze toon de humor fileren? Wat een grap.
Ik tap ma. ochtend wel weer een mooie bak met jou.
Mooi dan toch weer “schielijk”, “strakke ribbel om de mond” en “Elfstedentocht”
Humor biedt ruimte om te relativeren. Fijn dat je het weer eens laat zien.