Bedrijfsrestaurants zijn plekken waar je karakters kunt lezen. Tijdens de lunch houd ik nauwgezet in de gaten hoe mensen eten. Als je goed oplet, kun je zien hoe mensen zich voor en na de lunch zullen gedragen.
Daar komt de chef met de lunchartikelen netjes op het dienblad. De eerste boterham wordt precieus besmeerd met boter. Elk hoekje wordt netjes bedekt. Daarna volgt de filet américain, dat dezelfde behandeling krijgt. De man bekijkt het resultaat met de neus vlakbij de boterham. Na het minutieus strooien van enige korreltjes peper vangt het eten aan. Eerst worden keurige symmetrische stukjes gesneden, waarna deze een voor een keurig worden fijngemalen door een goed onderhouden gebit.
Kijk, dat deze man een half uur later een beoordelingsgesprek voert, waarbij hij het behaalde slechte resultaat beargumenteert met het op een komma na niet halen van een target, zal niemand verbazen. Tegenargumenten zijn dan ook zinloos. Was deze man voetbalscheidsrechter, zou hij het spel doodfluiten na elke lichte overtreding.
Komt echter Mulder het restaurant binnen met een dienblad waar halverwege de eetzaal een appel afrolt en een bord kletterend stukslaat op het linoleum, zal het duidelijk zijn dat het hier geen man van punten en komma’s betreft. Aan tafel zien we vleeswaren en vis dwars door elkaar liggen op het bord, om vervolgens de vermenging van deze etenswaren openlijk te aanschouwen bij het gesprek dat Mulder luidkeels met volle open mond voert. Een gezellige collega, die echter een chef nodig heeft die gemoedelijk bijstuurt bij een dreigend van de weg raken.
Zorgwekkender is Zwaalstra van de financiële afdeling. De kracht waarmee de man de schillen van de sinaasappel rukt, doet een verbetenheid vermoeden die menig leverancier tot wanhoop zal drijven. Er tekent zich een plas vruchtensap op het bord af. Na het eten zet hij het bord aan de mond, om ook dit sap te nuttigen. Een man die gaat tot het uiterste.
Naast hem zit Els, de afdelingssecretaresse, die de vingers aflikt bij elk hapje van eenzelfde vrucht, rozig en hijgerig gevolgd door de man van de postkamer tegenover haar, die het lekkerste stukje gehaktbal op de rand van het bord heeft bewaard voor het laatst. Ik zou niet graag alleen met hem in de postkamer staan geloof ik, zeker niet als ik Els was.
Ik verpak schielijk mijn boterhammen in een papieren zak en eet ze maar op achter het bureau.
De mensen zouden eens denken….
Hier heb ik smakelijk om gelachen tijdens het nuttigen van mijn bescheiden broodje kaas!
Goh, we hadden het toevallig vandaag tijdens de lunch over dit fenomeen, grappig…